Rondje Pollare is een sfeervolle wandeling door het schilderachtige dorpje Pollare en de prachtige vallei van de Dender. De route voert je langs onverharde paden, door drassige meersen en over de bekende ijzeren voetgangersbrug over de rivier. Het is de perfecte mix van landelijke rust, weidse vergezichten en de natuur van de Dendervallei.
Oostende gelegen zowat in het midden van de Belgische kust is er ook zowat de hoofdstad van. Buiten strand en duinen heeft Oostende ook enkele mooie parken die de moeite waard zijn om te bezoeken. Wij starten onze wandeltocht op de Spinoladijk.
Deze dijk laat zich goed wandelen. Wat opletten voor de vele fietsers is het enige dat de ontspanning stoort. Wij wandelen tot aan de grens met Bredene. Aldaar nemen we onze eerste stop in ’t Strandhuis.
Daarna keren we het strand en de Spinoladijk de rug toe en wandelen landinwaarts.
De wandeling is hier wat minder boeiend (buitenwijken van Bredene) en het is wachten op de oevers van de Spuikom opdat de tocht wat aantrekkelijker wordt. Maar na de Spuikom wordt he zo mogelijk nog erger of beter gezegd saaier. We betreden de industrieterreinen die onvermijdelijk langs een (weliswaar kleinere) aanvoerhaven liggen.
Het balanceert tussen een zoektocht naar de schaars gezaaide bordjes met knooppunten en het opletten voor de zware vrachtwagens en bussen van de lijn. We missen zo de doortocht door het Maria Hendrikapark en de watertoren die daar zijn stek heeft. Ook de dijkwandeling langs het groot strand gaat zo de mist in.
We pikken opnieuw in waar de tocht naar de overzetboot gaat die ons terug naar het beginpunt op de Spinoladijk brengt.
Wij wandelen nog even door over de Westdam die, samen met de Oostdam, de haven van Oostende beschut.
De te volgen knooppunten :
Daarna slopen we door naar Fort Napoleon om er iets te drinken en wat te eten alvorens terug naar huis te rijden. Door omstandigheden was deze tocht wat een teleurstelling. Maar mochten we de doortocht door het Maria Hendrikapark en de dijkwandeling langs het groot stand niet gemist hebben was het misschien een ander verhaal geweest.
De te volgen knooppunten: 61 – 60 – 59 – 62 – 63 – 65 – 64 – 61 (tussen 63 en 65 liep het voor ons mis)
Het is wachten tot begin April alvorens we het Kravaalbos, dat op minder dan een kwartiertje rijden ligt, nog eens opzoeken. Het dichte bos, dat ingebed ligt in de Aalsterse faluintjes, neemt zijn tijd om op te drogen na de winter.
We parkeren de auto bij Stinne en starten de tocht.
We duiken de weilanden in en wandelen richting Meldert.
Algauw komt de toren van de gotische Sint-Walburgakerk in het vizier.
We weerstaan aan de lokroep van een frisse pint in “de Tuitelaar”en stappen verder richting Kravaalbos.
Het Kravaalbos met zijn klimmende en dalende bospaden trakteert ons op mooie beelden van een ontluikende natuur. Ook merken we de lidtekens die de laatste stormen hebben nagelaten.
Na het bosgedeelte keren we terug de velden in om zo verder te stappen naar het etablissement “bij Stinne”.
Hier kunnen we niet weerstaan aan een frisse pint. Mooi moment om na te kaarten over deze niet zo lange maar wel heel mooie wandeltocht.
Eén van de beste plaatsen om van de ontluikende lente te genieten zijn de Vlaamse Ardennen. In dit glooiend landschap is het genieten van het prille groen en de eerste bloesems.
Dus begeven we ons naar Sint-Maria-Oudenhove, deelgemeente van Zottegem, alwaar we op het Sint-Hubertusplein de “Op en rond de Berendrieswandeling” starten.
Eventjes wandelen we langs kleine steegjes door de Sint-Maria-Oudenhove waarna we het veld, gezien de hoogteverschillen, haast letterlijk induiken.
Meteen is het volop genieten. Holle wegen, veld- en bospaden wisselen elkaar af en schotelen ons de mooiste landschappen voor.
Het knuppelpad en het mijnwerkerspad zijn er de meest markante van.
Wat later brengt de wandeltocht ons naar de oevers van de Zwalm die we even volgen.
Het is een stevige wandeltocht die een goede conditie vraagt maar die veel terug geeft.
Tijd om even te stoppen en de dorst te lessen in de “Stappers Alm” dit estaminet is opgetrokken in hout en tracht ons de sfeer van een berghut te brengen. Mooie taverne vlak op den Berendries.
Hierna zetten we onze tocht verder opnieuw vergapen we ons aan de prachtige omgeving waar deze wandeltocht zich een weg baant.
We genieten ook van het landelijk gebeuren dat zich hier volop afspeelt.
Nu komt het einde van deze tocht in zicht.
Het is met een voldaan gevoel dat we deze wandeling beëindigen.
Zoals de Berendries niet weg te denken is in de Vlaamse voorjaarsklassiekers is deze wandeling niet weg te denken op de verlanglijst van elke serieuze wandelliefhebber. Echt een heel mooie wandeling.
De markt van Sint-Lievens-Houtem is de tweede grootste in Vlaanderen. Snel vinden we een plaats om onze auto achter te laten.
We slenteren even over de markt en blijven even hangen bij de Sint-Michielskerk en het juist ernaast gelegen gemeentehuis. Daarna wandelen we het centrum uit.
We hebben nog maar pas de buitenwijken van Sint-Lievens-Houtem achter de rug of we kijken uit op het Cotthembos. Eventjes steken we het bos door om vervolgens langs velden, weiden, holle wegen en bospaadjes door het glooiende landschap te stappen.
We verkijken ons aan de mooie vergezichten die dit heuvelrijk gebied oplevert. Maar ook de Livinus- en Sint-Annakapelletjes trekken onze aandacht.
Wat verder worden we verrast door de bronzen Romein die ons herinnert aan een ver verleden van heerwegen en Romeinse legers die de streek hier bezetten.
Van een heirweg tot een Trambaan het is maar een paar stappen van elkaar verwijderd op de Cotthemroute.
Na de Trambaan keren we terug de velden in richten onze stappen naar Hillegem een deelgemeente van Sint-Lievens-Houtem.
Van Hillegem gaat het nu terug naar Sint-Lievens-Houtem. Maar eerst genieten we nog van mooie passages door de Vlaamse Ardennen, met niet te vergeten authentieke Mariagrot.
Uiteindelijk bereiken we door het Cotthembos en langs de Cotthembeek Sint-Lievens-Houtem opnieuw. Meteen het einde van een mooie wandeling. Opnieuw een aanrader…
Het land van Gaasbeek is een parel aan de kroon van Vlaams-Brabant
Het eerste dorpje is misschien wel meteen het meest bekende van de vier. Gaasbeek met zijn imposant kasteel zal eerder een belletje doen rinkelen dan de drie andere dorpjes.
Na een verkwikkende tas koffie starten we op het marktplein voor de Onze-Lieve-Vrouwkerk deze wandeltocht.
De tocht brengt ons snel naar het kasteel met zijn indrukwekkend, 50 hectare groot domein. Meteen een hoogtepunt (niet letterlijk alhoewel het stevig omhoog gaat) in deze wandeling.
We stappen verder naar het volgend dorpje Sint-Laureins-Berchem al snel doemt de Sint-Laureinskerk op en wandelen we door het centrum van dit klein dorpje.
Een boogscheut, bij wijze van spreken, verder ligt Oudenaken.
Ook Oudenaken is een klein dorpje met een ietwat bijzondere Sint-Pieter in Banden-parochiekerk met haar groene toren.
Opnieuw stappen we door velden en worden beloond met mooie vergezichten. Elingen is qua dorpskern wat groter.
Na Elingen, we zijn zowat halfweg nu, keren we terug naar Gaasbeek over land- en veldwegen die ons door het glooiend landschap leiden.
Het land van Gaasbeek is één van de mooiste delen van het Pajottenland. De uitgestrekte velden die de heuvels bedekken kunnen de vergelijking met de streek tond Galmaarden doorstaan.
Van beide word ik lyrisch en zou ik urenlang kunnen doorbomen. Kortom deze wandeling is een aanrader…doen die wandeling.
Op een zonnige maar winterse dag zakken we af naar Assenede. Eventjes is het zoeken naar de aanwijzingen met routenummers maar dan wandelen we het centrum van Assenede uit.
Via de Doorndijkstraat gaat he nu richting de kreken.
De lage zon samen met het ietwat mistig weer zorgt meteen voor mooie, mystieke vergezichten.
Maar echt mooi wordt het als we langs de verschillende kreken lopen.
Later als weer richting Assenede stappen zorgt de ondergaande zon voor een sfeervol einde. Wat later is deze mooie wandeling gedaan. Opnieuw een leuke wandeltocht die we sterk kunnen aanraden.
In de week na nieuwjaar 2022 trekken we naar Koksijde om er te wandelen tussen Koksijde en Oost-Duinkerke.
Achter de Onze-Lieve-Vrouw ter Duinen Basiliek raken we onze wagen kwijt.
Vandaar is het richting strand/kust. Eerst genieten we nog eens van de kerst/eindejaarsfeer in het centrume van Koksijde.
Ter hoogte van “Ster der Zee” vinden we het vertek/knooppunt 46. Weg zijn wij. We volgen de zeedijk tot het einde van de appartementblokken-rij
Gelukkig wordt deze wat saaie rij onderbroken door het plein met het Acqua Scivolo – kunstwerk. Dit kunstwerk is een onderdeel van het kunstwerkenpark Beaufort . Het is een onderdeel van de monumentale kunstwerken die deel uit maakten van de expositie Beaufort 03 (2003).
Daarna duiken we de duinen en de villawijkjes in. We wandelen er langs de vele typische villaatjes die zich achter de duinen verschuilen.
Tussendoor stappen we af in de taverne van het Paul Delvaux-museum om er lekker te lunchen.
Nu kuieren we verder langs villaatjes en duinen tot de Zuid-Abdijmolen opdoemt met in zijn zog het abdijmuseum (Onze-Lieve-Vrouw ter Duinen abdij).
Op het einde wacht ons nog een flinke inspanning met het beklimmen de “Hoge Blekker”. Deze stevige inspanning wordt beloond met een vergezicht op het natuur- en waterwinnings gebied “De doornpanne”.
Daarna gaat het opnieuw richting kust en zeedijk. Daar ronden we de wandeling af.
Nu wacht er ons nog een gezellige tocht, door het mooi versierde Koksijde (eindejaar 2021) naar onze auto.
Al 20 jaar bestaat er in de streek rond Galmaarden, Geraardsbergen en Ninove het “Dender-Mark Stiltegebied”. Een stiltewandeling in Galmaarden lijkt ons dan ook een aantrekkelijke wandeling.
We parkeren onze wagen op de markt van Galmaarden. Eventjes zoeken naar het juiste knooppunt van het wandelnetwerk Pajottenland en weg zijn wij.
Al snel zijn we het centrum uit en bevinden ons midden de velden.
We genieten van de mooie vergezichten die dit glooiend landschap ons biedt.
We genieten van de verschillende facetten van het landleven in dit agrarisch gebied dat deel uitmaakt van het mooie pajottenland.
Langs landwegen en veldpaadjes keren we terug naar Galmaarden.
In taverne Felix op de markt van Galmaarden stoppen we even om onze dorstige kelen te lessen. Bij een lekker en fris bier genieten we na van deze machtig mooie wandeling. Een echte aanrader.
We rijden naar Zevergem Dorp om aldaar de Doornhammeke wandelroute aan te vatten
Startend in Zevergem gaat het snel naar het “Doornhammeke” een inmiddels afgesloten meander van de Schelde.
Daarna wandelen we een eind langs de “echte” Schelde
We verlaten de Scheldeoever om “Krommenhoek” in te trekken. Dit natuurreservaat ligt ook rondom een oude scheldemeander.
Daarna wandelen we door de velden terug naar Zevergem.
Zevergem wordt snel bereikt… nogmaals charmeert dit oud, pittoresk dorpje. De Dorrnhammeke wandelroute is een vrij korte route (5,6km) maar biedt toch een afwisselend karakter. Daardooer is het een leuke tocht.