Sinds november vorig jaar de pedalen serieus stil gehouden. Een strenge winter enerzijds en een voorbereiding op een marathon begin mei anderzijds maakten dat we niet meer aan fietsen toekwamen. Inmiddels zijn we zowat halfweg onze voorbereiding op de marathon van Visé (de maasmarathon). Elke week lopen we tussen de 40 en 50km. De lange duurlopen zijn minstens 25km lang. Gisteren liepen we de 25km van Hulst. Eerder al namen we deel aan de Leopoldsloop (de 12km) en de Furaloop (16 km in een prachtige omgeving). In plaats van een 7-tal km los te lopen op de loopband kiezen we om onder een pril lentezonnetje de benen los te rijden.
Ik pomp de banden van onze fietsen stevig hard, vul de drinkbussen en weg zijn wij. Op naar de Leirekensroute.
Aldaar komen we veel volk tegen die ook van het prille lenteweer gebruik maken om eens buiten te komen.
Ook Bambie is op het appel.
Zo te zien moeten de breinaalden nog niet weggegooid.
De Leirekesroute loopt in de bedding van de vroeger spoorweg Aalst – Londerzeel. Het is dus vlak en rijdt vlot vooruit. Op een ik en een gij zijn we aan het kunstwerk “het gebaar” van Luc De Blok in Moorsel
Stilaan verdringen donkere wolken de voorjaarszon.
Een kappelletje langs vanachter
…en ééntje langs voor
We volgen Leireken tot Baardegem, daar duiken we de Faluintjes in.
Op de kale velden wordt alles klaar gemaakt om van start te gaan.
Tja… een goeie fietsjas en -broek komen nog steeds van pas.
Het is nog speuren naar het eerste bladgroen.
Terug onder het volk, een barok villaatje in de Kokerijstraat te Meldert.
In onze streek tracht men opnieuw aan te pikken met de traditionele hopteelt die tot enkele decennia geleden de velden hun typisch aanzicht gaf.
Sint-Rochuskapel of kapelleke Peer. Wat troosteloos en vaal heel conform met het inmiddels in grijs omgeslagen weer.
We spoeden ons langs de abdij van Affligem…
…en deze polyesteren runderen (beenhouwerij t’Kint). Naar huis.
Oef de kop is er weer eens af. Al is het maar een tochtje van 20km het heeft de goesting serieus aangescherpt. Thuis in de schuif liggen er enkele tochten te wachten op goed weer.
Zondag, 4 oktober 2009. We zijn al even terug uit Bretagne. Het blijft droog en bijwijlen is het nog mooi weer. We zijn opnieuw beginnen lopen, het park van Aalst en het Osbroek liggen er droog bij. Ook voor het weekend geven de voorspellingen droog weer. Dan is de uitdaging te groot en moeten de fietsen van stal. Al lang staat de Djinoroute op mijn verlanglijstje. Djino is een streekgenoot die net zoals wij gek is op fietsen. Hij heeft een prachtige website waar hij ons deelgenoot maakt van zijn fietsavonturen. Djino heeft op een zeker moment besloten zelf een route samen te stellen in zijn streek. Dat vind ik dus het einde, meer gedreven kan je volgens mij niet zijn. Ik heb veel bewondering voor zo’n initiatief. Dus Zondagmiddag iets na half twee starten we.
Laat ons meteen met een kleine bekentenis beginnen. Het trackbakken lukt eerst niet zo bijster goed. Vandaar dat ik al snel een foto van het kerkplein van Erpe kan maken.
Daar komen we tot het besef dat we het weer nogal onderschat hebben en we reppen ons terug naar ons A-ken om nog wat kleding bij aan te trekken.
Ik zoom wat verder in op de track en dan blijkt dat we vlak naast de route geparkeerd staan. We verlaten Mere nu langs een andere kant richting Nieuwerkerken. In deze Aalsterse deelgemeente kiek ik deze bric-à-brac. Ik wijs er Veerle fijntjes op dat het dus nog erger kan dan…
Maïs en nog eens maïs, deze cornflakes in spe zetten duidelijk hun opmars in onze velden voort.
Nog eens Erpe maar nu in de juiste volgorde.
Van een bloemperkje gesproken, wat een kleuren pracht. Veerle haar camera is nog aan het bekomen.
Hier woont een Disney-fan zoveel is duidelijk.
Nog eens de kerk van Erpe, nee ik word niet gesponsord door de pastoor van Erpe
Ook niet door die van Erondegem. Maar misschien dat het kieken van zo’n kerk voor wat voorspraak om wat beter weer,lees meer zon,zorgt.
De oren gespitst, kan ik volgens Veerle nog een voorbeeld aan nemen.
Impe, Sint-Denijskerk. Tiens ’t is toch Damiaan die zalig verklaart wordt en niet onze gouverneur?
Bij het opnieuw naderen van Erondegem kan dit gezellig kapelletje Veerles lens niet ontsnappen. Leuke nonchalance.
Dan gaat het er nabij Vlekkem wel wat serieuzer aan toe. ’t Schijnt dat de aflaten hier van een iets betere kwaliteit zijn.
Bijbehorende Sint-Lambertuskerk.
Bric à brac II maar er is nog werk aan de winkel om “bric I” te kloppen.
Djino neemt ons niet alleen mee naar de plaatselijke gebedshuizen. Nee hij beloont onze inspanningen, ’t is soms stevig trappen, met prachtige vergezichten.
Langzaam moet het zomerse groen wijken.
Ook de Sint-Martinuskerk in Bambrugge maakt haar opwachting. Als het zo voortgaat moeten we het eerste jaar niet meer op Bedevaart.
Bric à brac III, in Bambrugge hebben we te maken met een meer landelijk exemplaar. Sterke mededinger voor de wedstrijd “Bricste à brac 2009”
Stallen en schuren ook ondanks het donker weer blijven ze bekoren.
Laat ons maar wat afstand nemen van al die kerken, nog een glimp van de Sint-Martinuskerk ditmaal in Burst .
Het glooiend landschap blijft bekoren.
Nee geen bric…
Hadden we al paarden op het menu?
Nee, het veelvuldig fotograferen van kerken kan ze daarboven niet vermurwen.
We fietsen nu richting Borsbeke. Djino duidelijk bekend met de streek durft al eens een buurtweg inlassen. Deze “kasjkens” geven de route iets speels.
De Sint-Antoniuskerk van Borsbeke meldt zich ook aanwezig. Mooie kerk trouwens.
Deze Sint-Rochuskapel kruist ook ons pad.
Pink duck, mooi bewaard.
Djino gooit er eens een molen tussen, knappe vierwieker.
Onder een steeds dreigend wolkendek gaat het nu verder naar Sint-Lievens-Esse.
Ondanks de dreigende wolken zijn we niet de enigen onderweg.
Het is stevig klimmen naar Sint-Lievens-Esse.
De dorpskern, Sint-Lievens-Esse kan zich naast de obligate kerk ook op een nog werkende brouwerij beroemen. Pater Lieven wordt er gebrouwen.
Vrij grote kapel nog altijd in Sint-Lievens-Esse.
Nu nemen we de trambaan en zijn zo vrij snel in Herzele.
De kerk van Herzele mocht al een paar keer haar opwachting maken in deze blog, deze keer eens vanuit een andere hoek.
Ook in dit verslag mogen runderen niet ontbreken. Kijken als een koe naar…
Ressegem, in volgorde kapelletje en daarna…
de kerk. Zonder woorden..
Ook in Aaigem komen kerkgangers aan hun trekken
Uit de tijd dat auto’s nog spraken.
Een wat grijs kapelletje past mooi bij het weer. Goed gezien van Djino.
Tussen Aaigem en Mere laat Djino ons nog eens goed zwoegen, een korte maar steile klim wordt voor de wielen geschoven.
Tijdens het afdalen naar Mere krijgen we nog een mooi zicht op Kruiskoutermolen en een kapelletje eenzaam in het veld.
Wat later zijn we terug in het centrum alwaar we door het late uur en het kil weer gedreven snel naar de auto fietsen. Eens de fietsen opgeladen rijden we terug langs een deel van de route richting Nieuwerkerke. Algauw zijn we thuis. Wel Djino je route mag er wezen. In het begin zwerven we wat door woonwijken en er wordt al eens een drukke baan gekruist. Maar wat je ons aan landschappen voorschotelt is prachtig. Met een 8,5/10 is het een aanrader. Je bezorgde ons een prachtige namiddag.
We zijn al de vijfde dag in Finistère – Bretagne. Een hardnekkige mist voerde ons gisteren naar Mont-Saint-Michel…
‘S avonds keerden we huiswaarts echter niet zonder Saint-Malo met een bezoek te vereren.
Vandaag zou het wolkendek moeten openscheuren en ons zo laten genieten van mooie opklaringen. ‘tja dan begint het te kriebelen. Thuis had ik op volgende site “à vélo en Bretagne – Iroise” enkele routebeschrijvingen gevonden in de streek waar we verblijven. Nu als ik eerlijk ben is onze locatie wat gekozen in functie van de routes. Ik kon me de haren uit het hoofd trekken (gelukkig waren deze juist voor ons vertrek gemillimeterd) toen het bleek dat de uitprint van deze routes in Erembodegem waren achtergebleven. Al mijn hoop ligt nu bij het toerismebureau van Saint-Renan.
Saint-Renan is een mooi Bretoens dorpje met een ongelooflijk mooi stadsplein.
We brengen een bezoek aan het toerismebureau waar we voor zo’n 2€ de route Les Menhirs kopen. Daarvoor krijgen we de route op geplastificeerd papier in een handig formaat.
l’église Notre Dame de Liesse.
Nog een foto op het kerkplein en dan…
glippen we binnen.
Mooie kerk, heeft nog iets authentieks naïef. Alles ademt hier de middeleeuwen.
Nu rijden we snel naar Porspoder van waaruit onze tocht start.
Deze immense rotsblok is geen menhir dus verder fietsen maar.
Dit is de eerste Menhir de Kérhouezel, niet direct te zien maar dit exemplaar is 7 meter hoog en bestaat uit graniet van de l’aber Ildut. Niet een steentje dat men ever over de schouder gooit en wat verplaatst.
Wat hedendaagser en modester van afmetingen. Dit Keltisch kruis dat steeds weer opduikt.
Dit kruis is meteen de aankondiging van het typisch Bretoense dorpje Larret. Ondanks dat deze boerderij in natuursteen is opgetrokken heeft ze iets elegant.
Onder de bescherming van de franse lelie.
Dichtbij deze o zo Bretoens kapel is er een fontein waarvan het water het zicht bevordert. We kunnen dit water zeker gebruiken want deze fontein is aan ons zicht compleet ontsnapt.
Wij ontsnappen echter niet aan deze dorpeling. Hij doet ons stoppen en fier als een gieter toont hij ons zijn woonhuis. Deel van een grotere boerderij. Het is er wat rommelig, hij woont er meerdere jaren alleen en orde en netheid blijken niet meteen zijn grootste zorgen. Toch had het iets weemoedig. Een reusachtige tafel, waar men ooit met velen tegelijk de maaltijd genoot na gedane arbeid op het land.
Dient nu voor zowat alles. Links is het meer gastronomische gedeelte waar de rechterkant vooral dient om onze Bretoen te ontspannen. De zitbank is duidelijk multifunctioneel. Kleer- en droogkast tegelijkertijd. Een beetje een vreemde ontmoeting.
We fietsen verder richting Kergadiou waar er niet één maar twee menhirs te bewonderen zijn. De legende gaat dat de rechtopstaande menhir gestolen zou zijn van een Schotse heks. Deze razendkwaad wou de menhir vernietigen door vanuit een Schotland een ander menhir te lanceren. Toch deze mistte zijn soortgenoot met zo’n 75 meter. Moet er nog water van de fontein van Larret zijn?
De Menhir-tocht voert ons nu naar een hoger gelegen plateau. Het is er na een fikse klim vrij vlak maar het waait er tegen honderd per uur of toch zo iets. Langs de D68, een vrij drukke departementale, kruisen we dit lief kapelletje opgedragen aan Saint-Roch. Vrij populair hier deze heilige.
Onder het goedkeurend oog van deze hoefachtigen fietsen, we tegen de wind in, richting Plourin.
Ook Plourin bezit al de ingredienten van een Bretoens dorp.
Een mairie gans in stijl.
Ook vanachter mooi om zien.
Overdekte waterput.
Na Plourin laat de bewegwijzering wat te wensen over of is het de voorzienigheid die ons naar dit donkere bos leidt
De bomen lijken ons te willen grijpen met hun dolgedraaide takken.
Toch geraken we aan deze diep in het bos verborgen burcht.
Opnieuw moeten we onder de kronkelende takken door om het kasteeldomein te verlaten.
Nu dalen we in steile vaart af naar Brélès.
Stilaan nestelt de mist zich op de heuvels.
La demoiselle de Brélès geniet van de late herfstzon. Mooi beeld gehouwen uit graniet van het nabijgelegen l’Aber Lidut.
Buiten het overdekken van de waterput (lijkt hier in zwang te zijn) is hij ook mooi versierd met bloemen.
De volgende halte op deze mooie tocht.Eglise Saint Ildut te Lanildut gelegen langs l’Aber Ildut. Ildut, de laatste zinnen staan er bol van, is of was een Gallische heilige.
Deze kerk is zowat de toegang tot de “quartier Rumorvan”
In dit uitzonderlijk mooie dorpje deze bloedmooie kapel “Chapelle Saint Gildas”.
Wat later fietsen we langs de ‘l Aber Ildut.
Schuilhaven voor bootjes en plezierjachten.
We snijden even een landtong af om, op weg naar Melon, de kust te bereiken.
Nu slingert de route tussen kust en land. We zijn juist Melon voorbij als we dit Christusbeeld in de omwalling tegenkomen.
Enthousiast komen deze paarden aangestormd, op de achtergrond “le phare du Four”.
En Veerle… zij peddelde voort.
Een “lavoir” of te wasserette anno 1400
Nog eens paarden, ze hebben hier een mooi stevig ras. Nu vredig grazend in de vallende duisternis. Juist voor het donker zijn we terug in Porspoder. Een route vraagt om een quotering. Stevige tocht in een prachtig mystiek kader. Een bewegwijzering die soms een steek laat vallen. Steeds goed berijdbare wegen. Een gedetailleerde wegbeschrijving is te downloaden of verkrijgbaar tegen een luttele vergoeding in de plaatselijke toerismebureaus. De afstand 25 km is zeker niet te lang. Deze tocht geeft een goed idee over de streek en kaapt een 7,5/10 weg. Een aanrader.
De laatste verlofdag en mooi weer voorspeld, dient er geen vervolg gebreid aan onze beaufort03-saga? Begin augustus stopten we in Blankenberge. Vandaag nemen we de draad op in Zeebrugge. We starten aan het strand en kijken mee met…
de man…
die boot zag, in de lucht.(beaufort02 Jean Bilquin (B))
Vandaar is het maar enkele fikse trappen door de strandwijk naar de Stella Mariskerk. Deze deelt nu het kerkplein met “24/7tm Kiosk” een kunstwerk van Liam Gillick (UK)
Naar het volgend kunstwerk is het efkens zoeken, een tijdje fietsen we door de containerhaven.
We keren op onze stappen? terug en wat later merken we dit eigenaardig bouwsel.
Elektrische verdeelkast, anno 2009 (nee maakt geen deel uit van beaufort03 alleszins toch niet in deze editie)
Maar eerst moeten we langs het tijdok,
en deze duikboot die als toeristische attractie zijn oude dag slijt.
Eventjes blijven we bij een ander kunstproject “Sit on Art” hangen.
Maar nu aan de uiterste kant van de vissershaven zijn we bij het indrukwekkend kunstwerk…
Opnieuw moet er teruggekeerd. We trachten al de hele tijd de aanwijzingen naar knooppunt 36 te volgen maar geregeld dient, om de kunstwerken te vinden, er van afgeweken worden.
Dit kunstwerk siert de boorden van de plezierhaven, naam en maker zijn me onbekend. Maar in de context van deze rit past het wel.
Opnieuw in het spoor van de knooppunten komen we bij dit oud-gemeentehuis. Het staat leeg en stilletjes aan is er wat verval te bespeuren. Achter dit gebouw is er een koer waar nogal wat vuil ligt. Na wat zoekwerk stuiten we op het werk van Giuseppe Gabellone (It). Liever gezegd foto’s van zijn werk. Blijkbaar niet gespeend van enig temperament (italiaan?) slaat deze kunstenaar telkens zijn werk kapot.
Doch niet zonder er eerst een foto van te nemen.
Langs het Admiraal Keynesplein fietsen we Zeebrugge buiten. We volgen de kustfietsroute en de knooppunten 36 en 37 naar Heist en Duinbergen.
In het sjieke Duinbergen staat er op het Sint-Michielspleintje dit wat eigenaardig werk.
We vervolgen onze rit, zoomen even in op deze gekortwiekte dame, en zetten koers naar knooppunt 42
Aan de Elizabethlaan in Knokke kan je niet naast dit werk kijken. Na knooppunt 42, bij het naderen van het modaine Zoute, dienen we noodgedwongen het knooppunten-netwerk te verlaten. We gaan naar het Ijzerpark.
Hier verpozen we wat in het kunstwerk “Labyrinth and Pleasure garden” van Jan Vercruysse (Be). Ronduit zalig…
Nu zakken we af naar de kust alwaar op het strand deze strandcabines niet aleen wat groter zijn dan de courante strandhuisjes aan onze kust. Zij zijn allen onderdeel van “Discrepanties with villa Teirlinck” dit werk is van de hand van Leonor Antunes (Pt).
Dit is ons laatste werk van deze beaufort-editie.
Zoals in de 3 eerdere tochten, zetten we nu ook onze rit verder met de bedoeling langs het binnenland terug te keren.
Eerst even naar het Zwin.
Waar ik eerst dacht door te steken naar Retranchement (Nederland) en zo terug te keren door het achterland, kies ik ervoor om terug te keren door het Zoute en Knokke naar knooppunt 42. Mooi gemeentehuis.
Hierna duiken we de polders in. Knooppunt 40 en 39 zijn onze bakens. Daarna richten we ons op punt 37.
Als we Heist binnenrijden laten we knooppunt 37 los en steken Heist door om bij knooppunt 36 opnieuw met het netwerk aan te knopen. Tussen Heist en Zeebrugge deze mooie, ietwat barokke vuurtoren genietend van het late zonnetje.
De Sint-Donatiuskerk smukt zich op met de mooie avondgloed.
Genietend van een verdiende rust.
Na de haven zijn we snel terug aan het beginpunt. Nog even een foto maken…
…en deze tocht zit erop. Meteen ook dit vierluik rond beaufort03-outside. Nu ik dit verslag afrond heb ik wat heimwee. Veerle en ik hebben intens genoten van deze fietstochten. In 4 maal hebben we zowat de ganse belgische kust langsgefietst. Soms stoorde ik me aan de slechte aanwijzingen. Over het niveau van de werken hadden we soms vragen. Maar door deze tochten zullen we ons de mooie zomer 2009 steeds aangenaam blijven herinneren.
Nog steeds in verlof. Om ons niet teveel te moeten haasten kiezen we voor een tocht niet te ver weg. De Breugelroute rond en door Dilbeek. Veel vind ik over deze route niet terug. De 3 klassieke fietsbloggers Dj!no, De Leuke fietser en Tour de Frans geven voor deze route verstek. Ook een track kan ik niet vinden. Nu dan wagen we het er maar zo op. Het is wat avontuurlijker.
Via de E’40 zijn we snel in Dilbeek waarvan het nog een zucht tot Sint-Anna-Pede is.
We parkeren ons tegenover het estaminet de Ster. Deze doening zet meteen de toon het kan zo uit een schilderij van Breugel komen.
Ook dorpskerkje te midden van het zomerse groen voldoet aan de Breugelnormen.
We klimmen al meteen flink omhoog om op de hoogte van de Luizenmolen in Neerpede (Neerpede????) te komen. We hebben er een ver zicht op de omgeving. Een omgeving met de ring en de opdoemende flatgebouwen uit de Brusselse rand. Nee dan maar gauw verder.
Laverend door woonwijken, meteen niet om wild van te worden komen we op de Sint-Pieterskerk uit. Op een terrasje kaarten enkele plaatselijke wielertoeristen na. Veerle krijgt van hen het aanbod mee te rijden in hun B-ploeg. Met de opmerking dat dit de B-ploeg wel eens veel zweet zou kunnen kosten nemen we afscheid van die leuke bende.
We verlaten het centrum van Itterbeek en kruisen de Ninoofse steenweg. Vandaag zondag is deze vrij kalm, op andere (week)dagen is dit een drukke verkeersader richting Brussel. Bij dit klein boerderijtje is er een poelproject van de gemeente Dilbeek.
Deze villa kruist onze lens ter hoogte van de Bodegemstraat.
Juist als ik tegen een toevallige fietser opper dat deze route veel woonwijken aandoet duikt de rit de velden in.
Even langs de bruine Lieve heer. Deze plastische geloofsuitdrukking is op en top Breugel. Ne mens houdt het niet voor mogelijk, puur erfgoed moet zeker beschermd worden.
Nu we het toch over erfgoed hebben, wat gedacht van dit hoppeveld één van de weinige die onze streek sieren. Vroeger stond het hier vol.
De tocht voert ons verder door de velden maar voert ons langzaam maar zeker een lange, stevige klim voor de pedalen. Deze krachtinspanning eindigt op het kerkplein voor de Sint Rumoldiskerk in Schepdaal.
Nu gaat het via mooie veldwegen, over stevige heuvels naar Sint-Gertrudis-Pede met zijn zo typische kerkje.
Wat het Breugeliaanse van deze tocht betreft naderen we nu het toppunt. De watermolen van Sint-Gertrudis-Pede. Een prachtlocatie. Terwijl ik aan één van de tafeltjes bijschuif en van een lekker kriek van Girardin geniet, gaat Veerle met haar fototoestel aan de slag.
Zowel aan het molengedeelte als het interieur van het woonhuis-drankgelegenheid heeft ze een flinke klus.
De werking van de molen wordt uitgelegd door vrijwilligers van het Dilbeeks erfgoed.
Even later zijn we terug op weg. Ook aan deze huifkar kan Veerle niet weerstaan, die dient vereeuwigd.
De Breugelroute voert ons verder door velden en over vrij pittige heuvels. Alzo bereiken we het mooie Gaasbeek.
Vanop zo’n pittige heuvel verschijnt het kasteel van Gaasbeek. Ook deze keer komen we er niet toe dit prachtig kasteel te bezoeken.
Een veld vol Brabantse trekpaarden.
Ook mooi samen deze koeien.
Dan weer een prachtige witte hoeve(Hof ter Rammeken een paardepension). We zijn weer in de tijd van Breugel aangeland.
We scheren langs Sint-Laureins en deze koppige ezels.
Om aan te komen in Oudenaken met haar mooie hoge Sint-pieterkerk.
Tot zelfs de wegwijzers zo verloren in de velden ademen de tijdsgeest van Breugel.
Terug in 2009.
Het kerkje van Sint-Pieters-leeuw. Denk de verkeersborden weg en je bent terug in de 16de eeuw.
Moderne kunst aan de zuunbeek. Deze tocht schuwt de contrasten niet.
Aan de overkant het vredige en mooie Volsembroek.
Nu nemen we richting Vlezenbeek, dit langs een leuke veldweg.
We passeren de witte hoeve en besluiten te stoppen om er iets te eten. Daar hebben we achteraf wel wat spijt van. De versnaperingen zijn er vrij duur en stellen niet veel voor. We hadden dan ook gans het terras voor ons alleen. Nochtans een prachtige locatie.
Dan maar verder.
Indrukwekkend, vooral zo in deze rustige streek, een spoorwegviaduct die volop hersteld wordt.
Het viaduct luidt meteen het einde van deze 45km lange tocht in.
Deze tocht roept tegenstrijdige gevoelens bij ons op. Vanuit Sint-Anna-Pede begint het allemaal wat saai. Woonwijken, drukke verkeerswegen brengen ons niet direct in vervoering. Maar de lange klim naar Schepdaal brengt verandering. Het landschap wordt landelijker. De verschillende klimmetjes geven prachtige vergezichten. Ga ook eens langs op de site van het Dilbeeks erfgoed. http://www.dilbeekserfgoed.be/ plan een fietstocht tijdens één van de maaldagen. Steeds zondag en dus rustige wegen. Het is even dubben, maar de goede bewegwijzering en berijdbare wegen brengen de score voor deze tocht op 8/10.
De zomervakantie is halfweg. Na een drukke juli-maand hebben we nu wat verlof ingelast. Vandaag wordt er een gooi gedaan naar de hoogste temperatuur. Aan de kust zou het allemaal wat minder moeten zijn. Dus lijkt de moment aangekomen om de draad met onze “Beaufort03-saga” opnieuw op te nemen.
Om de rush naar de kust voor te zijn , we zullen niet alleen zijn om er wat koelte te zoeken, vertrekken we omstreeks 8u30. De rit gaat vrij vlot en iets voor 10u zoeken we een plaatsje in de omgeving van de Spuikom van Oostende.
Tussen de Sint-Antoniuskerk en…
de watertoren vinden we in de vuurtorenwijk een plaatsje voor ons A-ken.
Veerle kiekt dit beeld van een wachtende vissersvrouw. She knows the feeling.
Bleu je veux.
We starten waar we vorige keer halt hielden. In de vissershaven van Oostende. Dit is niet voor niets. De vissershaven was een echte ontdekking voor ons. Tip voor wie de drukte in Oostende even beu is, kom hier eens die aparte sfeer opsnuiven.
Op weg naar knooppunt 3, inderdaad ook voor deze beaufort03-episode zijn de knooppunten een prima leidraad . Juist na de vissershaven loopt er een breed pad over de dijk. Wie van wat kalmte houdt, zal het hier wel appreciëren. Weliswaar onbewaakt, maar o zo rustige stranden.
Veel minder rustig is het op de stranden van Bredene. Het mooie weer trekt massa’s toeristen naar het strand. In deze drukte stuiten we op “Unhabitat-1” van Ruby Sterling (USA). Ik vind het leuk dat de toeristen zich rond het kunstwerk nestelen en er zich verder niet veel van aantrekken. Om dit werk te vinden moet men even voor Bredene van het knooppuntennetwerk afwijken. Er dient zo dicht mogelijk langs de kust gereden te worden.
Voor “Metatron” van Louis De Cordier (BE) moeten we even terug. Zo wat in het midden tussen strandtoegang 2 en strandtoegang 3, geniet dit werk toch van enige rust.
Ook dit vredig tafereel laat geen volkstoeloop vermoeden..
Dit mooie beeld vond een plaatsje op het ruime duinenplein.
Even gluren.
Verscholen in de duinen voor strandtoegang 6, “Albedo” door Niek Kemps (NL). (de strandtoegangen zijn de sleutels naar de kunstwerken in Bredene) Niek heeft er duidelijk wat meer werk van gemaakt. Het is allemaal wat groter, gedurfder en vooral dit werk heeft…
…inhoud. Als we deze wat later mogen delen met een buslading (letterlijk) kunstliefhebbers (minder letterlijk) houden we het voor bekeken.
Het leven zoals het is…strandtoegang 6.
We laten Bredene achter ons en volgen opnieuw het knooppuntenspoor naar punt 6. Daar verlaten we opnieuw het knooppuntentraject en kiezen opnieuw richting strand. De tunnel die het zeepreventorium verbindt met het strand is prachtig beschildert. Knap werk van Brigada Ramona Parra (CL)
Ik hoop met dit filmpje een indruk te geven van dit werk.
Het ontbreken van hoge appartementsgebouwen maakt van De Haan één van de mooiste badsteden aan onze kust.
“le vent souffle où il veut”, nu veel vent of wind is er vandaag niet. En zeggen dat we de 2 eerste beaufort03-tochten met krachtige wind af te rekenen hadden. Mooi werk van Daniël Buren (FR).
Kaboutermutsen volgens Veerle.
Kabouter-auto. Vitamientje voor de liefhebbers van Suske en Wiske.
We zoeken weer de kustfietsroute op, deze loopt gelijk met knooppuntennetwerk . We fietsen voorbij het knooppunt 9 en richten de steven naar punt 31. Voor “Une chambre à la mer” van Mathilde Rosier (FR) dient er opnieuw afgeweken worden. We fietsen langs de achterkant van de strandcabines naar Chalet Westhinder. Daar wat verdoken op een strandduin bemerken we het houten kunstwerk. Het meest interessant gedeelte “de chambre” is afgesloten.
Het wordt dus spleetgluren.
Door mijn lens door de spleet te murwen kan ik deze foto maken. Een magere vangst in tegenstelling met de afbeelding.
Meer stelling dan kapel. De witte hoeve op de baan naar Blankenberge.
Vaart van Blankenberge.
De jachthaven van Blankenberge. Hier wijken we weer even af.
“Untitled (red man)” een sculptuur van Thomas Houseago (UK).
Rondom de jachthaven staan er verschillende kunstwerken, ik heb er een collage van gemaakt.
De “Paravang” waar men uit de wind ofwel kan genieten van het zicht op de jachthaven of de mini-golfspelers volgen aan de andere kant.
Een overblijfsel van beaufort02 de editie die in 2006 plaats vond. “Baby’s” van David Cerny (CZ).
We wurmen ons verder door de massa toeristen, met de fietsen is het een haast onbegonnen taak. In het kader van deze beaufort-reeks had een collage van tattoo’s tot de mogelijkheden behoort. Toch het fotograferen ervan wordt door mijn levensverzekering niet toegelaten. Dus moet ik jullie de kettingen en andere prikkeldraad op boomdikke armen besparen, waarvoor geen dank.
Onze moeite wordt beloond met deze “Icarus” van Lothar Hempel (DE). Onze mond valt niet direct open van verbazing.
Inmiddels zijn knooppunten 31 en 32 door ons al voorbij gefietst. Aan knooppunt 33 kiezen we resoluut al de vakantiedrukte achter ons te laten en verkiezen naar knooppunt 27 te fietsen.
De haveninstallaties van Zeebrugge. Mogelijk een startpunt voor onze volgende beaufort-rit.
Onze-Lieve-Vrouw-Bezoekingskerk van Lissewege. De maïs is al flink opgeschoten. Na knooppunt 27 gaat het naar 28 en vervolgens punt 29.
3 prachtige boerenpaarden in bij het oversteken van de Brugse steenweg in Uitkerke.
Een schuurtje, het is hier zeer rustig.
Even voor knooppunt 30 dit bruggetje wat verscholen in het gras. Het leidt ons naar…
…nee niet naar “une chambre à la mer” maar naar de vogelkijkhut “de grutto”
De Blankenbergse vaart. Knooppunt 10 en 15 volgen elkaar snel op.
’t is uit te houden.
Bijna half zes, schaftijd dus.
Sint-Bartholomeuskerk in Nieuwmunster. Inmiddels zijn we op weg naar punt 20
Op het land zijn de graangewassen rijp…
Christo was here!!!
Rondom Houtave (juist voorbij knooppunt 20) hebben ze iets met heksen en vogelverschrikkers.
Houtave een dorpje verloren tussen de poldervelden.
Prachtig uithangbord.
De dorpskern van Houtave is zeer pittoresk.
Met een ruim aanbod van cafeetjes, restaurants en ander estaminetten. Op zo’n bloedhete dag als vandaag kunnen we dit zeer appreciëren.
Zijn er oogstfeesten op komst. Wij peddelen verder naar knooppunt 22.
In haast alle velden wordt er graan geoogst.
Een bezigheid voor gans de familie.
Potloden, ter hoogte van knooppunt 22 op naar 13 nu.
Sint-Blasiuskerk in Vlissegem duikt op achter de bomen.
Klemskerke-centrum, tussen knooppunt 13 en 12.
Padje langs kerkhof en Sint Clemenskerk.
Ingangspoort met bijbehorende toegangsdreef naar Sint-Clemenskerk.
Jonge Konik-veulens.
Strobalen voorbij knooppunt 12.
en hoe ze gemaakt worden. Nee geen buitenaardse wezens.
Bijna ter hoogte van knooppunt 26 deze villa op retour.
Na knooppunt 26 is het enkele flinke trappen en we zijn aan de spuikom van Oostende. Zicht op watertoren (potlood) van Bredene.
Inmiddels al 20u voorbij, dat geeft dit beeld van de ondergaande zon op de spuikom.
Tussen de watertoren en de …
…Sint-Antoniuskerk staat ons A-ken trouw op ons te wachten. 78km op de fietscomputerteller het kan tellen. Ik begin van het procedé, de kust volgen aan de hand van de beaufort-kunstwerken en terugkeren langs de polders, te houden. Het is een leuke mix ik heb al zin in de volgende etappe.
Hoogzomer en dit weekend vrij. Zaterdag hebben we wat in de tuin gewerkt maar zondag wordt een fietsdag. Mede om de files ’s avonds te vermijden besluiten we om nog eens naar Vlaams brabant af te zakken. Na ons licht bij “Tour de Frans” en “Dj!no” te hebben opgestoken kiezen we om de kanaalroute te fietsen. Diezelfde files zijn ook de reden dat we om 11u Grimbergen binnenrijden en een parkeerplaats zoeken. Enerzijds is 11u vrij vroeg en is de kans groot dat we voor de terugtocht van de toeristen klaar zijn. Anderzijds is, terugkeren naar Erembodegem, via binnenbanen goed mogelijk vanuit Grimbergen.
In Grimbergen heerst er, door de markt die er zondagmorgen plaats heeft, een gezellige drukte.
Het mooie centrum kan ons onmiddellijk bekoren.
Moeder met kind. Zou vader in de lucht hangen?
We worstelen ons tussen de kramen en kooplustigen en verlaten langs de abdijmuren het dorpscentrum.
Aangespoord door de majestueuze toegangspoort nemen we toch een kijkje op de binnenkoer van deze bekende Norbertijnenabdij.
We volgen de Maalbeek die ons naar de Liermolen brengt.
Meteen zijn we ook in het Mot. Dit museum voor oudere technieken vindt onder meer in deze molengebouwen zijn stek. Ook is er een leuk terrasje waar er iets kan genuttigd worden. Spijtig we zijn nog maar pas gestart en het is wat snel om de riem er al af te leggen.
Wat verder, 10 minuten fietsen misschien, komen we weer een watermolen tegen. Ook hier heeft het mot zich genesteld. Ook hier een terrasje, waaraan we opnieuw weerstaan. Ze gaan dat toch niet teveel meer moeten doen of we steken onze benen onder tafel. Boven zou nog eens een zicht zijn.
Er zouden in deze streek meerdere kastelen zijn, deze poort lijkt het te bevestigen. Maar het bijbehorend kasteel heb ik tot nu toe nog niet kunnen vinden.
Een ietse pietsje later hebben we de ruggegraat van deze tocht bereikt. Juist voorbij de “Verbrande Brug” draaien we het jaagpad op dat over de oever van Willebroekse vaart loopt.
Hier en daar dient de oever al eens ondersteunt.
Voorbij Humbeek wordt er van oever gewisseld en bij het naderen van Kapelle-op-den-Bos krijgt dit kanaal Brussel-Ruppel grootse allures. Met die grote propellers lijkt het klaar om op te stijgen.
Deze visser blijft met beide voeten op grond. Het is toch geen polsstokspringer zeker?
We bereiken Kapelle-op-den-bos niet, even voordien verlaten we het kanaal en zoeken de velden op.
In de Hombeekseweg maken we kennis met deze vreemde vogel die er blijkbaar dagelijks langs komt.
Deze kunstige wat bizarre pop maakt in “Hoeve Ten Bossche” reclame voor het hoeve-ijs dat ter plaatse te koop is. Wij laten ons verleiden en likken al snel aan een lekker “corneeke” roomijs.
Leuk stel.
Is ’t jullie ook al opgevallen dat de runderen voorzien worden van labels aan hun oren? Dit al van jongsaf aan.
Op de hoek van de Larestraat met … juist ja de Kapellestraat. Daar hebt ge ook geen GPS voor nodig.
Werkelijk verbazend zoveel groen, zo landelijk en dit zo dicht bij onze hoofdstad.
Op de hoek van de Singelweg met de…Singelweg, geef terug die GPS!!!
Zo zien er de hagen uit in de Kluisweg.
In Eppegem zijn we, ondanks onze Garmin, even het spoor bijster. Daardoor passeren we dit mooie dorpskerkje.
Garmin, leidt ons terug naar de route die ons langs de Zenne voert. Ik als geboren Hallenaar herken ze onmiddellijk. Inderdaad bij warm weer trotseerden we in Halle hetzelfde geurtje.
Voor we het centrum van Vilvoorde bereiken, doorkruisen we wat troostelozere wijken zoals de “far-west”. Het centrum heeft dan weer iets, de Troostbasiliek en klooster.
Refereren deze machine-onderdelen naar het industriële verleden van Vilvoorde.
Christo was here!!!
Stadhuis, Christo was not here.
Onze-Lieve-Vrouw van Goede hoop. Ook van Christo gespaard gebleven.
We verlaten Vilvoorde-city langs of liever over de “verbrande brug”. Inderdaad geen Chr….
Wie reed er al niet eens over deze mastodont?
Wie roeide er al eens onder?
Een orgelpunt in deze tocht is de passage door het park “de drie fonteinen” Aan de vijver stoppen we even om iets te bikken.
Prachtige ietwat stijve tuin, zoals een oranjerie betaamt.
Al wat minder deftig, maar toch nog wat reserves.
Nog even door het Tangebeekbos.
Het venijn zit in de staart, juist voor het einde wordt er ons nog een kuitenbijter voorgeschoteld. Deze brengt ons op een hogergelegen plateau. Met mooie vergezichten als beloning.
De Chinese toren.
De VRT-Toren
En een prachtig kijk vanuit de velden op de mooie abdijkerk.
Nu gaat het razendsnel naar beneden, alleen dit kapelletje dat iets bourgeois heeft, kan ons afremmen.
Terug “from where we started” stappen we af en volgen het voorbeeld van Frans , we genieten van een koele Grimbergen. Mooie afwisselende tocht achter de rug. De teller staat op zo’n 42.6 km, op één fikse klim na vrijwel vlak en dus haast door iedereen te fietsen. De combinatie van het landelijke met het voorstedelijke schept een leuke cocktail die een stevige 8/10 van ons krijgt.
Dinsdag 21 juli 2009 (nationale feestdag) Al een paar weken liggen we stil, druk op het werk en de laatste week hadden we een logé. Jack de franse buldog van ons Charlie en haar vriend Kevin verbleef zo’n 10 dagen bij ons. Vandaag zijn we allebei vrij. De kust lonkt, maar het gezond verstand doet ons uitkijken naar een tocht wat dichterbij. Via Dj!no en deleukefietser vinden we de gulden Eiroute. Deze ontplooit zich voorbij Deinze rondom Kruishoutem.
Wat voor 12u rijden we onder een openbrekende hemel het marktplein van Kruishoutem op. In de schaduw van de Sint-Eligiuskerk laden we onze fietsen af.
Al snel ligt de dorpskom achter ons en bevinden we ons in de velden. Daar delen we het pad met nog anderen…
Wat verder staan deze jonge bende grasvreters.
Aan de overkant, wat verzonken achter de groene velden, lonkt het dorpje Wannegem.
Door een licht glooiend landschap fietsen we naar Nokere.
Eventjes duiken we een veldweggeltje in om de mooie Sint Ursmaruskerk te kieken. Ietwat vreemde naam voor een heilige. Tja met zo’n naam is het beter wat deemoedig te zijn.
Eerder wat over- dan deemoedig vervolgen we onze tocht naar Nokere-dorp. Prachtig centrum, met zijn witte huizen doet het wat aan Thorn denken.
Deze tocht boeit ons met…
…achter groen verscholen landhuisjes,
prachtige landschappen.
keuterboerderijtjes,
ietwat belegen schuurtjes.
devote kapelletjes, heeft dit exemplaar ezelsoren?
Dan verrast ie ons met een statig, alles behalve deemoedig, kasteel.
Met park, vijver kortom met alles erop en eraan. Kasteel Casier.
Prachtige omgeving.
Ook wat verder is het aantrekkelijk.
We genieten met volle teugen.
Inmiddels hebben we Nokere verlaten.
Een sober kapelletje.
Dichtbevolkt, rommelig duivenhok. Lijkt me niet zo leuk voor deze gevleugelde koeriers.
Terwijl het flink omhoog gaat richting terug naar Kruishoutem merken we deze koe die zich koestert in de schaduw van deze stevige boom.
Dit vreemd bord doet ons even stoppen. Is dit een exclusief schoenmerk? Wie zal het zeggen?
Onze tocht flirt nu met de E17. Dit dafje, ondanks de hoge ouderdom, nog in goede staat.
Deze hangar kan daarentegen een flinke opknapbeurt gebruiken.
Een eierworp verder in de spondenmakersstraat staat wat verdoken onder het bladerdek dit sober kunstwerk.
Wat minder kunstig, zonder grote K laat ons zeggen. Toch leuk.
We naderen de buitenwijken van Kruishoutem en weer klimt het stevig. Tijdens deze inspanning fietsen we voorbij het Hof van Cleve. Gastronomie met grote G. Gelukkig voor onze portefeuille(met kleine p) is de Nationale feestdag aanleiding voor een sluitingsdag.
Niet dit kapelletje , maar wel de zitbank erbij doet ons in de remmen knijpen. Ons maag laat zich al een tijdje horen en we besluiten hier een gastronomische stop (met piepkleine g) in te lassen.
Tijdens het verorberen van onze koeken valt mijn oog plots op deze constructie. Een uitkijktoren die dient uiteraard beklommen.
Eens boven hebben we een mooi uitzicht. Spijtig zijn er niet zo direct herkenbare punten aan den einder.
Dan maar het maïsveld van bovenaf gekiekt.
Als we dan toch bezig zijn….
We verwijderen ons nu van de E17 om over…
…Marolle…
…met wat vreemde runderen (Galloway’s)
Nog kalf en al vrij frank.
Langs en door de Lozerse bossen…
Mooie kerk “Onze-Lieve-Vrouw van Bijstand” in Lozer.
Het kasteel Della Faille heeft zich achter de bomen teruggetrokken. Dus neem ik maar deze grote houtschuur op de korrel.
Nu komt het dorpje Huise in ’t vizier.
Huise is een lieflijk dorpje met een mooie dorpskern, maar…
…moet het toch afleggen tegen Mullem met zijn schitterende gele huizen.
Verdient een bloempje.
Sint-Hilariuskerk, uitzonderlijk niet in het geel.
Ineens gaat het snel, er verschijnen dreigende wolken.
We steken een tandje bij en spoeden ons naar Wannegem-Lede.
Kieken snel de Sint-Machutuskerk (weer zo’n vreemde naam mijn spellingchecker bijt er zijn tanden op stuk) in Wannegem.
De Schietsjampettermolen (spellingchecker nog niet bekomen en nu weer deze naam) onder een dreigende lucht.
Inmiddels is het al flink beginnen druppelen. We zijn nog slechts op een flinke eierworp van Kruishoutem. Even een laatste hoeve vastleggen en op “een ik en een gij” zijn we terug aan ons A-ken. Al eindigt deze fietstocht wat in mineur ze bezorgde ons toch veel fietsplezier. Enkele keren waren we echt verrast. De bewegwijzering is volledig en bij droog weer(minder in de winter of bij dagenlang regenen) makkelijk te fietsen. De hellingen zijn een paar keer stevig maar door de gemiddelde fietser toch te overwinnen. Nog eens een 9/10 de Vlaamse Ardennen mogen zich toch bij de mooiste streken om te fietsen van ons landje rekenen.
Beaufort03 de derde uitgave van de drie-jaarlijkse kunstmanifestatie aan onze kust. Op verschillende locaties langs de Belgische kust zijn er kunstwerken neergezet. Ook zijn er verschillende tentoonstellingen. Maar wij houden ons, in het kader van deze fietsblog, aan het buitengedeelte “beaufort03-outside. Omstreeks 12u rijdt er een A-ken een parking in De Panne op.
Even zigzaggen we door de villawijken op zoek naar het plaatselijk toerismebureau. Wat later stappen we het bewuste bureau binnen en kopen er een cataloog en nemen een brochure mee. Ik vraag naar een fietskaart maar moet het doen met aanwijzingen, hoe het eerste werk te bereiken.
Na opnieuw wat zoeken komen we in de loskaai aan het tramdepot. Aldaar toont Matt MULLICAN zijn “Twin Stations” . Dit kunstwerk omvat 15 gietijzeren platen. Lijken sterk op de deksels die in straten gebruikt worden om ondergrondse elektrische leidingen, telefoonlijnen, waterkranen of andere kelders mee af te dekken.
Ziehier een collage.
Via de Leopoldsesplanade (de kust heeft wat met het koningshuis) trekken we naar het volgende werk.
“Wild Shore Trilogy” van Jaso Meadows (USA). Een kiosk, tuinprieeltjes of misschien een carrousel, het doet er niet toe…
Langs de kust tegen een sterke wind in (beaufort verplicht tot iets) stampen we voort.
Zo vlak voor de start van het hoogseizoen is het nog beklemmend kalm.
We dienen op onze stappen (of fietstrappen) terug te keren. Dit frietkot, dat opgaat in de kleurrijke omgeving van terrasjes en ijskreemkarretjes en diens meer, blijkt ook deel uit te maken van de tentoonstelling. Binnenin staat er een groot videoscherm, waar helaas door technische problemen, niets op te zien is. Geen storing of interludium, nee niks. “Onderweg” is van de hand van Marijke Van Warmerdam (NL).
In de Ankerweg is er ook een vrij monumentaal kunstwerk waarvan hier een, naar mijn mening, leuk detail.
Langzaam trekt het verlof zich op gang.
The noble art of selfdefence
In het cultuurhuis “Scharbiellie” loopt er naar aanleiding van beaufort03 een fototentoonstelling van Alberto Piovano.
Spijtig genoeg is buiten het hoogseizoen (dus tot volgende week woensdag) dit cultuurhuis slechts zaterdag en zondag geopend. Dus kan ik slechts deze van buiten genomen foto’s tonen.
We verlaten nu De panne en volgen de kustfietsroute tot even voor Sint Idesbald waar we opnieuw afdraaien richting kust. Voor de knooppunters richting punt 65.
Hier trotseert “Never good enough” van Evan Holloway (USA) dapper de stevige zeebries.
Hierna keren we terug landinwaarts alwaar we op leuke gebouwen stuiten.
Even voor de Zuid-Abdijmolen stoppen we voor het volgend oeuvre.
Nee niet dit windmolen-karkas te zien in het prachtig Abdijmuseum “Ten Duinen” (dit museum is echt de moeite waard en kan de hele familie boeien)
Nog even dit dansend koppel gekiekt en weg zijn wij.
We volgen nog steeds de kustroute, maar ook het knooppuntennetwerk kan een leidraad vormen. Van knooppunt 65 gaat het naar 66. Ondertussen trekken we door het natuurreservaat de doornpanne.
Een omheining, eerder symbolisch?
Eventjes wanen we ons in de provence.
Onder deze poort gaat het naar het visserijmuseum in Oost-Duinkerke.
Tijd voor een terrasje. De Peerdevisser.
Na een stevige dronk nemen we de draad weer op. Of men volgt de pijlen van de kustroute of de aanwijzingen naar knooppunt 82. Meestal rusten ze op dezelfde paal of muur. Na het Hannecartbos bij het kruisen van de Kinderlaan dient deze laatste gevolgd tot aan het strand van Nieuwpoort. Daar staat “youtheater.net” Van Tim Segers op ons te wachten
Achter een ijzeren plaat is er een camera geplaatst, als men op de knop eronder drukt wordt men gefilmd. Veerle doet dit dan ook. Of er een filmpje gemaakt is kan je achter deze link zien. Ceci n’est pas un lien
Op het strand en vooral in de lucht heerst er een drukte van je welste.
Ook op het water valt er wat te beleven
Zowat ter hoogte van de Henegouwenstraat staat “Holiday in Melsbroek” van Sven ’t Jolle (BE). Het is duidelijk dat hier het centrum voor uitgeprocedeerden in Melsbroek op de korrel wordt genomen. Kunst als drukkingsmiddel.
Nog een overblijfsel van beaufort02 de vorige editie. “Searching for Utopia” van Jan Fabre. Ik heb dit werk al een paar keer gezien, maar het blijft me toch beroeren.
Hopelijk niet vergeten! Anders zal er vanavond ééntje een goede uitleg moeten klaar hebben.
Inmiddels zijn we de monding van de Ijzer genaderd. Door de sterke wind vaart de overzetboot niet uit. We moeten dus inzoomen om het laatste werk, tentoongesteld in Nieuwpoort ,vast te leggen. “Gaalgui” van Philip Aguirre Y Otegui. Hij zou zich laten inspireren hebben door Senegalese vissersboten. Meteen het laatste kunstwerk van beaufort03 voor deze fietstocht. We plannen de beaufort03 in 3 tochten.
We nemen jullie nu mee naar Nieuwpoort-stad en Veurne om zo terug naar De Panne te fietsen. Eerst knooppunt 82 en daarna 67 volgen
Als we onderweg een kunstwerk voorbijfietsen zullen we het zeker fotograferen. Nog steeds langs den Ijzer deze ‘golven’ van Roland Patyn.
Evenals dit werk dat aan een bootromp doet denken.
De laatste jaren heeft Nieuwpoort kosten noch moeite gespaard om zowel de dijk, het centrum als de weg naar de jachthaven te vernieuwen. En als je het mij vraagt met succes. Zo is deze uitkijktoren haast een kunstwerk. Grote klasse.
De autovrije weg wordt druk bereden door fietsers.
Weer worden we vergast op een prachtig kunstwerk. De poolreiziger van Freddy Cappon.
Bij het naderen van de vismijn pronkt deze lichtboei die de zee voor het vasteland ruilde.
Juist voorbij de vismijn krijgen we het gevoel opnieuw in Bordeaux te zijn aanbeland. Daar zagen we aan de kaaien langs de Gironde ook water uit de grond omhoogspuiten en een nevel vormen.
Met zicht op het Belfort en de stadshallen is het zalig genieten van een heerlijke trappist.
Aan de beiaardtoren ontdek ik dit mooi borstbeeld van Karel Romaan Berquin. Een plaatselijke historicus.
Door het volgen van het knooppuntennetwerk punten 9-8-7 komen we aan de oude Veurnevaart, die we richting Veurne volgen. Punten 5-6
Hier kan Veerle haar hartje uitleven
We vervolgen onze weg langs het jaagpad.
en Veerle zij fotografeerde voort….
In Wulpen staat er een fietscafé: “Wielrijdersrust-Het dorstige hart“. Mooie doening en dat zweempje ironie, ’t moet er bij momenten leuk aan toe gaan. Rare jongens die fietsers.
Ondanks de schapen die vrij over het jaagpad lopen schieten we snel op. Aan den einder doemt Veurne al op. Maar eerst wat boerderijen.
Nummer 1 juist aan de overkant.
Wat verder weg, wat sjieker.
Terug aan onze kant.
Omstreeks 18u15 rijden we Veurne binnen. Knooppunt 68. Tijd om eens lekker te eten. Het aspergeseizoen is volop bezig we aarzelen niet lang en doen ons tegoed aan 2 lekkere aspergegerechten.Ikzelf kies à la flamande en Veerle lust haar asperges liefst met zalm, garnaaltjes. Smullen….
Na het eten nemen we opnieuw de draad met de kustroute op. (of knooppunten 2-1)Juist bij het verlaten van Veurne dit kapelletje.
We zoeken opnieuw de vaart op en fietsen verder naar Adinkerke en vandaar naar De Panne
Meer en meer duiken er in het verkeer ronde punten op. En alsmaar meer worden ze versiert. Of deze strandwagen onder de noemer kunst valt laat ik in het midden.
Deze beelden beantwoorden al wat meer aan de noemer.
Wordt hier het verlof met de ganse familie uitgebeeld?
Wie zal het zeggen?
Van het rond punt zijn we op een wip terug in het centrum van de Panne. Daarmee zit ons eerste bezoek aan beaufort03 erop. We hebben er veel van genoten. Kunst in een geweldig kader. De kustroute is reuze om te volgen. Ik kan iedereen die cultuur met een sportieve inspanning wil combineren beaufort03 aanraden. Ik kijk al volop uit naar het volgende gedeelte.
Weer al drie weken thuis. Op het werk is het heel druk, ik kan me weinig vrijmaken. Maar zaterdag wordt er mooi weer voorspeld. Ik speur op internet naar een mooie tocht dichtbij. Bij “Djino” vind ik de Molenbeekroute. Zo’n 10 jaar geleden fietsten we al eens deze tocht. Gelieve deze molenbeekroute niet te verwarren met de route die we begin vorig jaar aflegden rond Steendonk. Ik kom omstreeks 12u thuis. Na het middagmaal ga ik even rusten (ben al op van voor 5u). Het is dan ook rond 14u30 als we de tocht aanvatten.
We fietsen naar Haaltert alwaar we ter hoogte van het warandepark de route aansnijden.
Snel even deze parkbezoekers kieken en weg zijn wij.
We volgen de wegwijzers en onze garmin, die ons over de stationsstraat (een drukke steenweg)brengt. Wat verder dit mooi kapelletje en achterliggend kerkhof. Er liggen hier ook slachtoffers(van het gemene best) tijdens de tweede wereldoorlog.
Zowat halfweg tussen Haaltert en Denderhoutem stuiten we op deze tuin-indiaan. Zijn blik laat niets goed vermoeden. ’t Is eens wat anders altijd die onnozel contente kabouters.
We fietsen niet door tot Denderhoutem maar slagen rechtsaf den “Daai” in. Aldaar dit lieflijk tafereel.
Nog steeds fietsend over den Daai.
Kapelletje bij het verlaten van de velden te Stichelen.
Stichelen lijkt een klein gehucht te zijn. Algauw duiken we weer de velden in.
Nu krijgt de route toch een heel idyllisch tintje. Winkelveld
In de boekentstraat even deze vrolijke noot. Lijkt zo weggelopen uit een verhaal van Suske en Wiske.
Opnieuw dompelen we ons in het landelijke, tussen Heldergem en Kerksken (Haaltert) ligt dit prachtig natuurgebied Den Dotter..
Zicht op Heldergem.
De velden onderbroken met bomenrijen, wat kan een fietsershart meer bekoren.
Bakhuis opgericht door de buurtgemeenschap Gotegem in 1999.
Even binnenloeren.
In Aaigem bevinden we ons ineens op bekend terrein.
De lente loopt op haar laatste benen en de jeugd doet zijn intrede op de velden.
En inderdaad de ons zo vertrouwde Volckaerthoeve duikt op achter één van de vele bochten die deze tocht rijk is. Er wacht ons wat treurig nieuws. De Volckaerthoeve staat over te nemen. In afwachting is ze slechts zaterdag en woensdag open.
Ik ga nog eens achteraan kijken.
De hooischuur als zowel de hooiwagen lijken goedgevuld. Even smullen van lekkere zelfgemaakte ijskreem en weer op weg. Hopelijk blijft de Volckaerthoeve en vooral haar activiteiten bestaan. Het zou zonde zijn.
Ter ere van Onze-Lieve-Vrouw van Lourdes. Ik val op de kleuren, heeft iets zuiderlijks.
Nu fietsen we naar het centrum van Aaigem.
Even binnenloeren… Van Aaigem gaat het met een wijde bocht naar Woubrechtegem.
Gloednieuwe, stevige villa. Crisis, what a crisis?
Koeien moeten naar de stal om gemolken te worden.
Lagergelegen boerderij, de machtige vergezichten rijgen zich hier aaneen.
Woubrechtegem.
We zijn nu op een boogscheut van Herzele. Bij het binnenrijden deze “molen te Rullegem” die flink onder handen wordt genomen.
Het schepenhuis in Herzele.
De ruïne van wat ooit een trots burcht was. Tot hier de rondrit Herzele.
We vervolgen onze weg opnieuw langs een veldbaantje dat ons naar…
…Ressegem brengt.
Burst is de volgende halte op onze rit.
Deze mooie klok, ontdaan van kerktoren, op een paar stevig spoorbils. Bambrugge
De Sint-Martinuskerk nog altijd in Bambrugge.
We naderen de E40 met aan de overkant Vlekkem. Ook hier dat glooiende dat voor mooie beelden zorgt.
De sopeter in Vlekkem
Inmiddels peddelen we richting Erpe-Mere. Wat voor Ottergem zien we een kudde koeien die in het veld gemelkt worden.
Na Erpe-Mere duiken we langs de Oudenaardse baan de E40 onder. In Mere toeven we wat langs de molenbeek . Haar oevers zijn juist opnieuw mooi aangelegd.
Nog even een fikse klim naar de Gotegemstraat. Daarna is het uitbollen terug naar Haaltert. Vandaar keren we terug naar huis. Het is zo’n 20u15 als we daar aankomen. De Molenbeekroute is een leuke herontdekking. 42 km is niet te lang maar levert toch genoeg verassend mooie momenten. Zonde dat we deze aantrekkelijke tocht, die we van huis uit kunnen fietsen, zo lang links laten liggen hebben. 8.5/10 verdient ze zeker. Samen met M-route en de Patersroute is het een aanrader om de prachtige streek , die de Vlaamse ardennen is, te verkennen. Zeker doen!!!